Potchrysant als favoriete kerkhofbloem en alternatieve najaarsbloeiers
Allerzielen, het feest van alle zielen, is in België en enkele buurlanden onlosmakelijk verbonden met de chrysant. In de weken voorafgaand aan Allerheiligen en Allerzielen worden tienduizenden chrysanten verhandeld, die de vaak troosteloze kerkhoven op deze feestdagen omtoveren tot kleurrijke tuinen als eerbetoon aan onze dierbare overledenen.

Alle potchrysanten behoren tot de asterfamilie (Asteraceae) en meer bepaald tot het geslacht chrysant (Chrysanthemum). Plantkundig is deze naam eigenlijk niet correct. Bij een herziening van de plantkundige indeling op het einde van de jaren 90 van vorige eeuw, kwam de chrysant terecht in het geslacht Dendranthema. Omdat zowel kwekers als tuinliefhebbers over de hele wereld bleven spreken over Chrysanthemums, werd in 2001 echter beslist om de plant opnieuw onder te brengen in het geslacht Chrysanthemum.
Gekweekt als tuinplant
Het huidige chrysantengeslacht omvat een 30-tal soorten bloeiende, vaste planten die verspreid voorkomen in Azië en Noordoost-Europa. De chrysant werd al voor onze jaartelling gekweekt als tuinplant in China. Pas op het einde van de jaren 1600 werden de eerste chrysanten, als tuinplant, ingevoerd in de Lage Landen vanuit Indonesië. Vandaar ook de correcte botanische benaming: Chrysanthemum indicum.
De meeste van onze huidige pot- en snijchrysanten zijn hybriden van deze ingevoerde Chrysanthemum indicum-soort. Deze hele grote groep, niet winterharde, vaste planten, omvat zowel de grootbloemige als de kleinbloemige troschrysanten in alle kleuren van de regenboog. Nog ieder jaar worden door gespecialiseerde veredelingsbedrijven nieuwe pot- en snijchrysanten op de markt gebracht. Vaak wordt geselecteerd op nieuwe kleuren, ziektegevoeligheid, groeikracht en vorm van de plant.
Teelttechnisch
De eerste chrysanten die als potplant gebruikt werden om de kerkhoven op te fleuren rond Allerheiligen, waren grootbloemige soorten. Deze teelt was zeer arbeidsintensief, omdat de planten moesten getopt en geplozen worden. Dit pluizen hield in dat men alle zijscheuten die uit de oksels van de bladeren tevoorschijn kwamen diende te verwijderen, zodat alleen de eindknop een mooie dikke bloem vormde. Alle stengels moesten dan ook nog eens aangebonden worden aan een steunstok om uitbuigen te voorkomen. Ook de overwintering van de moederplanten zorgde voor heel wat kopzorgen. Vanaf de jaren 50 werd meer en meer overgeschakeld op de minder intensieve teelt van de kleinbloemige troschrysanten.
Kortedagplant
Van nature is de chrysant een kortedagplant. Dergelijke planten vormen alleen bloemknoppen wanneer de nachten langer worden dan de dag. Ze bloeien dus per definitie in de herfst en het is precies aan deze eigenschap dat de potchrysant zijn populariteit dankt als kerkhofbloem.
Om het verkoopseizoen te verlengen – de laatste jaren is de chrysant praktisch jaarrond verkrijgbaar – gaat men in gespecialiseerde kwekerijen de chrysanten verduisteren. Dit gebeurt zowel in de serre voor snijchrysanten als in de vollegrond voor potchrysanten, door de planten af te dekken met niet doorschijnende doeken of plastic folie. Door kunstmatig de duisternis te verlengen tot meer dan 13 uur gaan de planten bloemknoppen vormen. Wanneer de eerste bloemknoppen opengaan, kan met verduisteren gestopt worden. Zo kan men al in de zomermaanden bloeiende potchrysanten te koop aanbieden.
Tips voor gebruik als potplant
De grootste vijand van de potchrysant is vroege nachtvorst. Wanneer nachtvorst voorspeld wordt in de dagen voorafgaand aan Allerheiligen, wacht dan tot het laatste moment om de planten op het kerkhof te zetten.
Geef regelmatig water. Op de kwekerij staan de planten vastgeworteld in de grond of op de containermat en worden ze regelmatig begoten. De verhouding ‘plant-pot’ vraagt om een regelmatige gietbeurt.
Koop planten waarvan de knoppen voldoende geopend zijn. Ook wie ruim op voorhand kerkhofchrysanten koopt, koopt beter planten waarvan de knoppen al voldoende geopend zijn.
Wie de planten nog wat thuis wil bewaren, moet de plastic hoes verwijderen en bewaart de planten het best bij een temperatuur rond de 15 °C.
Graaf indien mogelijk de planten in op het kerkhof, zo kunnen ze niet omwaaien en kunnen ze vocht uit de grond opnemen.
Alternatieve najaarsbloeiers
Voor wie het jammer vindt dat chrysanten al zo vlug gaan vervriezen, zijn hier enkele alternatieven die, mits de nodige zorg, een hele winter voor kleur kunnen zorgen op het kerkhof of op het terras.
Skimmia Deze winterharde, groenblijvende plant draagt in het najaar opvallende trossen (gesloten) bloemknoppen, waardoor het lijkt of de plant de hele winter door bloeit. Plant de skimmia in een lichtzure potgrond en geef hem een plaatsje in de schaduw of halfschaduw.
Pieris Deze sterke, wintergroene plant heeft geen last van regen, sneeuw of vorst. Plant deze in een zure, niet te voedselrijke potgrond. Sommige soorten bloeien al in de winter, ander soorten hebben mooie, rode blaadjes. Ook hier overwinteren de gesloten, decoratieve bloemtrossen aan de plant, waardoor hij een hele winter lijkt te bloeien
Erica Carnea Dit is het alom bekende, winterharde heidekruid, ook wel winterheide genoemd. Er zijn rond deze periode reeds vroegbloeiende soorten verkrijgbaar waarvan de bloei doorgaat tot diep in de winter.
Calluna vulgaris Deze plant wordt ook wel zomerheide genoemd. De selecties die rond deze periode aangeboden worden, zijn eigenlijk herfstbloeiers (september, oktober, november) met bloemen waarvan de knoppen niet of nauwelijks opengaan. Daardoor kunnen ze niet bestoven worden en houdt de bloei uitzonderlijk lang aan.
Gaultheria Dit is een winterhard en wintergroen plantje, waarvan de blaadjes in het najaar mooi rood verkleuren. De kleine felrode bessen blijven tot diep in de winter aan de plant hangen. Dit oorspronkelijke bosplantje vraagt zure potgrond en geeft de voorkeur aan een plaatsje in de schaduw.
Pernettya Dit plantje is nauw verwant met de hierboven genoemde Gaultheria, maar verdraagt wel wat meer zon. Vooral de knikkervormige bessen vormen het aantrekkingspunt van deze plant. De kleur van de bessen varieert naargelang de cultivar van wit tot roze en rood.
Viooltje