bij maïskuilen?

Impact op de kuilbewaring
Deze situatie kan enerzijds leiden tot kolfloze maïs die niet goed afrijpt en bijgevolg natter is, met een slechte kuilbewaring en lage voederwaarde tot gevolg. Anderzijds wordt in dergelijke omstandigheden zeer veel maïs te droog geoogst, waarbij meer lucht in de kuil terechtkomt en het risico op broei aanzienlijk toeneemt.
Bovendien wordt de maïs in jaren met dergelijke weersomstandigheden een stuk vroeger geoogst dan gebruikelijk, vaak bij zomerse omstandigheden. Dit alles maakt dat de kuilbewaring van maïs bemoeilijkt wordt en dat het risico op broei enorm stijgt. Broei bij maïskuilen dient vermeden te worden, omdat dit leidt tot afbraak van waardevolle voedingsstoffen, tot een lagere voederwaarde en een lagere opname, met daarbovenop een verhoogd risico op mycotoxinen.
Praktische handvaten
Landbouwers dienen op de veranderde weersomstandigheden te anticiperen via een nauwgezette opvolging van de afrijping, de oogst én de bewaring van kuilmaïs, om zo te kunnen inspelen op de actuele situatie met de gepaste maatregelen.
In het kader van het demonstratieproject duurzame landbouw van het departement Landbouw en Visserij Hittestress bij maïskuilen (uitgevoerd door Hooibeekhoeve, Proefhoeve Bottelare HoGent-UGent en Inagro) werden diverse fiches opgesteld die praktische handvaten aanreiken rond al deze topics, gaande van inschatting van het optimale oogstmoment over inkuilregels en kuiladditieven, naar uitkuiltechnieken, economische gevolgen van hittestress en hoe deze op te vangen.
Al deze fiches, alsook enkele video’s, zijn beschikbaar op de website van het Landbouwcentrum Voedergewassen (LCV vzw) via de volgende link: https://www.lcvvzw.be/nieuws/hittestress-ook-bij-maiskuilen-leer-hoe-je-....
Opvolging noodzakelijk
Met het oog op de komende maïs-oogst is het aanbevolen om regelmatig de afrijping van de maïs te volgen te velde (zie ook p. 5). Op de website van het LCV (www.lcvvzw.be) en via de digitale LCV-nieuwsflash (waarop je kunt inschrijven) kan de afrijping van de maïs per regio op weekbasis opgevolgd worden voor een aantal kuilmaïsrassen van verschillende vroegheid.
Afhankelijk van de weersomstandigheden en het rastype kan het drogestofgehalte bij droog, warm en zonnig weer in sommige jaren tot wel 5-6% per week stijgen; in geval van eerder bewolkt, koud en nat weer kan deze stijging slechts 1 tot 2% per week bedragen. De actuele trend van toename in DS-gehalte blijkt duidelijk uit de tabellen die wekelijks worden gepubliceerd door het LCV.
Dit ontslaat jou er als maïsteler niet van om zelf je percelen op te volgen, want gezien de grote variaties in functie van ras, zaaidatum en beschikbaarheid van vocht voor de planten – als gevolg van variaties in neerslag en grondsoort/bodemtextuur – blijken in de praktijk grote verschillen op te treden. Ga dus regelmatig op het veld het gewas opvolgen en ga hierbij voldoende diep het perceel in, zodat de maïs niet onverwacht sneller afrijpt dan gedacht!
Meer informatie kun je nalezen via de link ‘Planning van de oogst’, met meer informatie hoe je het drogestofgehalte van de maïs kan inschatten in het geval van een normale ontwikkeling van de maïs (’Inschatten DS-gehalte’) en in het geval van maïs met hittestress (‘Inschatten DS-gehalte bij hittestress’). Alle links zijn terug te vinden op de webpagina van het LCV Hittestress ook bij maïskuilen? Leer hoe je broei voorkomt en nog veel meer. De fiches zijn ook afzonderlijk terug te vinden onder ‘publicaties’.
Digitale tools
Er bestaat ook een digitale app genaamd Maïsmanager, ontwikkeld door Limagrain, waarbij de inschatting van het drogestofgehalte van de totale plant handig kan uitgevoerd worden via een smartphone. Deze app is gebaseerd op de Oogstwijzer snijmaïs, die Wageningen Plant Research Open teelten en Wageningen Livestock Research ontwikkelde en die ook opgenomen is in het Handboek Snijmaïs. Deze oogstwijzer is in verkorte vorm nu dus ook op de website van het LCV terug te vinden.
Onder tools vind je ook een rekenblad ter inschatting van de uitkuilsnelheid en het daarmee verbonden risico op broei (https://www.lcvvzw.be/rekentool-broeirisico/). In deze tool kun je op basis van de afmetingen van de kuil en de hoeveelheid maïs die je wenst te vervoederen inschatten of er risico is op broei (zie voorbeeld figuur 1).
Zo kun je tijdig de finale inkuilhoogte boven de muren van een sleufsilo, of de breedte/hoogte/lengte van een grondkuil in het geval van een grondsilo, nog anders inpassen. De tool laat algemeen ook toe om nog meer na te denken over afmetingen van kuilen én over gerichte investeringen in dat verband, met het oog op het minimaliseren van het voorkomen van broei.
Alvast een goede maïsoogst gewenst!
Dit project werd uitgevoerd met steun van het Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling,- Europa investeert in zijn landschap.