Juridische aspecten van het plaatsen en gebruiken van kalverhokken
De huisvesting voor jongvee vormt op veel melkveebedrijven een belangrijk aandachtspunt. Om verscheidene redenen is het voor de diergezondheid en het dierenwelzijn soms aangewezen om kalveren na de geboorte uit de afkalfbox te halen. Zo kunnen ze dan gedurende een bepaalde periode worden beschut in individuele kalverhokken, zoals eenlingboxen of iglo’s.

Het opzet van dergelijke constructies is dat ze verplaatsbaar zijn en dus op wisselende plaatsen kunnen worden ingezet. In dit artikel worden de rechtsregels besproken die van toepassing zijn op of die relevant zijn voor het plaatsen en gebruiken van deze mobiele constructies.
Vergunningsplicht constructies
In het Vlaamse Gewest is een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen – de voormalige bouwvergunning – vereist voor het optrekken of plaatsen van een ‘constructie’. Volgens de regelgeving inzake ruimtelijke ordening is een omgevingsvergunning voor een bouwwerk dat op de grond steunt evenwel slechts vereist wanneer het bestemd is om ter plaatse te blijven staan.
Aangezien kalverhutten en eenlingboxen in wezen tijdelijke en verplaatsbare constructies zijn, worden ze door landbouwers vaak zomaar op het bedrijventerrein geplaatst. Het begrip ‘constructie’ wordt in de stedenbouwkundige wetgeving evenwel slechts in algemene termen gedefinieerd en doorheen de casuïstiek in de rechtspraak ruim geïnterpreteerd, zodat het voor specifieke grensgevallen veelal niet eenvoudig is om de vergunningsplicht te bepalen. Dat was tot voor kort ook het geval voor kalverhutjes of eenlingboxen.
Vrijstelling
De Raad voor Vergunningsbetwistingen heeft hierover onlangs uitsluitsel gegeven door in het kader van een ruimer geschil te oordelen dat voor het plaatsen van kalverhutten geen omgevingsvergunning vereist is, vermits ze niet bestemd zijn om ter plaatse te blijven staan.
Je hoeft dus geen omgevingsvergunning aan te vragen om kalverhutten te plaatsen op jouw eigendom. Dit geldt niet alleen voor landbouwers met een bedrijf dat in agrarisch gebied ligt, maar voor iedereen.
Dierenwelzijnsnormen
Het louter plaatsen van een mobiele constructie vereist dus geen voorafgaande toelating van de overheid. Bedrijven met meer dan 5 kalveren moeten voor de individuele huisvesting van kalveren specifieke voorschriften inzake dierenwelzijn naleven.
Ten eerste mogen bedrijven kalveren slechts individueel huisvesten totdat die de leeftijd van 8 weken bereiken, behoudens andersluidende verklaring van de dierenarts.
Wat betreft de inrichting en uitrusting van de leefruimte worden er wettelijke minimumafmetingen geformuleerd. Op elk ogenblik moet de breedte van een individueel hok of box minstens gelijk zijn aan de schofthoogte van het kalf, gemeten terwijl het rechtop staat. De lengte moet minstens gelijk zijn aan de lengte van het kalf, gemeten van de neuspunt tot aan de achterkant van de zitbeenknobbel, vermenigvuldigd met factor 1,1 (dus vermeerderd met 10%).
In het algemeen moeten bij de bouw van alle constructies waarmee kalveren in aanraking komen materialen worden gebruikt die niet schadelijk voor hen zijn en die steeds grondig gereinigd en ontsmet kunnen worden. Het hok moet bestaan uit open afscheidingen, zodat de kalveren elkaar kunnen aanraken en zien, behoudens hokken voor het isoleren van zieke dieren.
De kalveren mogen niet voortdurend in het duister worden gehouden. Wanneer kunstlicht gebruikt wordt, moet dit tenminste zolang branden als er tussen 9 en 17 uur daglicht is. De verlichtingsbron moet in ieder geval voldoende sterk zijn om de kalveren te allen tijde te kunnen inspecteren. Op stal en in de openlucht gehouden kalveren moeten ten minste respectievelijk tweemaal en eenmaal per dag worden geïnspecteerd.
Codex Dierenwelzijn
Particulieren of bedrijven met 5 of minder kalveren zijn tot op heden vrijgesteld gebleven van de voormelde minimumnormen, maar hierin lijkt verandering te komen door de komst van de nieuwe Vlaamse Codex Dierenwelzijn, die in werking zal treden op 1 januari 2025. Deze Codex bepaalt namelijk onder andere dat iedere persoon die een dier houdt de nodige maatregelen moet nemen om het dier te voorzien van aangepaste huisvesting en beschutting. Die moet in overeenstemming zijn met de aard, fysiologische en ethologische behoeften, gezondheidstoestand en graad van ontwikkeling, aanpassing of domesticatie van het dier. Logischerwijze zal deze algemeen geformuleerde zorgplicht in de eerste plaats worden geïnterpreteerd aan de hand van bestaande bijzondere dierenwelzijnswetgeving met betrekking tot de betreffende diersoorten. Zodoende zal binnenkort in feite op iedereen de plicht rusten om bij de huisvesting van kalveren de hierboven geformuleerde minimumnormen na te leven.
Sancties
Overtredingen op de dierenwelzijnswetgeving zullen onder de gelding van de Vlaamse Codex Dierenwelzijn strafrechtelijk worden vervolgd met een gevangenisstraf en een geldboete die respectievelijk 8 dagen tot 5 jaar en 52 euro tot 100.000 euro bedragen. Daarnaast kan de rechtbank bijkomend ook per beveiligingsmaatregel beslissen om jouw bedrijf voor een bepaalde periode te sluiten en/of een verbod of beperking op het houden van dieren op te leggen voor 1 maand tot 5 jaar. Welke straf of maatregelen worden opgelegd, hangt uiteraard af van de zwaarte van de inbreuk. Wanneer door het parket beslist wordt tot seponering, kan de afdeling Handhaving van het Departement Omgeving ook nog altijd een administratieve geldboete opleggen.